STICHTING
HELP ONS
HELPEN
INLEIDING
Het Churg-Strauss Syndroom (CSS) is een vorm van systeemvasculitis. Het is een auto-immuunziekte die wordt gekenmerkt door een chronische ontsteking van de kleine bloedvaten tot de middelgrote slagaderen. De ziekte wordt vaak voorafgegaan door een (jarenlange) fase met astma, neuspoliepen of veelvuldige ontstekingen van de bovenste luchtwegen. Opvallend is dat er vaak geen aantoonbare allergie is.
Als het Churg-Strauss Syndroom actief wordt, manifesteert zich dat vooral in de longen, huid, darmen, zenuwen en het hart.
In het midden van de 20e eeuw ontdekten de artsen Jacob Churg en Lotte Strauss een vorm van vasculitis die alleen bij mensen met een beeld van allergie optreedt, bijvoorbeeld bij patiënten met een vorm van allergische astma in de luchtwegen. Het beeld van allergie heeft vaak géén aantoonbare oorzaak. De ziekte is naar de ontdekkers genoemd en heet daarom het Churg-Strauss Syndroom.
Omdat de ziekte ook gepaard gaat met ontstekingen in de longen en in de neus, is er een grote overeenkomst met wat vroeger de ziekte van Wegener heette en tegenwoordig Granulomatose met PolyAngiitis (GPA) wordt genoemd. Het Churg-Strauss Syndroom komt veel minder voor dan GPA. GPA komt in Nederland voor bij ongeveer 1 op de 8.000 mensen. Het syndroom van Churg-Strauss is ongeveer 10 keer zeldzamer. Mannen en vrouwen hebben ongeveer een gelijke kans om de ziekte te krijgen.
De oorzaken voor het ontstaan van het Churg-Strauss Syndroom zijn onbekend, net als bij GPA. Het Churg-Strauss Syndroom is een auto-imuunziekte, wat betekent dat het afweersysteem het eigen lichaam aanvalt. De allergische gevoeligheid van de patiënt zou daarbij een rol kunnen spelen, dit is echter nog nooit direct aangetoond. In tegenstelling tot astma zijn er géén aanwijzingen dat er een erfelijke aanleg is.
Overigens is er, in tegenstelling tot normale astma waar normaliter overgevoeligheid voor stof, de huismijt, chemische middelen of iets dergelijks de veroorzaker van de astmatische aanvallen is, bij patiënten met Churg-Strauss geen aanwijsbare oorzaak te vinden voor de op astma lijkende allergie, ondanks dat ze veel kenmerken van astma vertonen (bijvoorbeeld een hoog aantal eosinofiele granulocyten, een bepaald type witte bloedcellen in het bloed).
SYMPTOMEN
Bij het Churg-Strauss syndroom kunnen er vooral symptomen optreden in de neus (neusverstopping, uitvloed, bijholteontstekingen) en de longen. In tegenstelling tot GPA worden de traanbuisjes, de oren en de luchtpijp nauwelijks aangedaan.
Hart
Een bijzonder gevaar bij het Churg-Strauss Syndroom is dat het hart betrokken kan worden bij de vasculitis. Dit in tegenstelling tot GPA, waar dit voor zover bekend zeer zelden het geval is. Bij meer dan 50% van de patiënten met het Churg-Strauss Syndroom treden, als de ziekte niet snel onderkend is, middelzware tot zware ontstekingen op aan de hartspier of de hartkransvaten. Deze laatsten kunnen, ook bij erg jonge patiënten, leiden tot een verdichting van een hartkransvat en daardoor tot een hartinfarct (vergelijkbaar met een hartinfarct door aderverkalking bij oudere mensen). Ook kunnen gevaarlijke hartritmestoornissen optreden.
Neus
Symptomen van Churg-Strauss in het neusgebied zijn vooral de veelvuldig optredende neuspoliepen, met obstructie (verstopping) tot gevolg. Ook een met hooikoorts vergelijkbaar beeld komt veel voor. In tegenstelling tot GPA komen pijn, korstvorming, zweren en bloedingen in de neus echter veel minder voor. Ook het inzakken van de neusrug treedt niet op.
Longen
Kenmerkend van Churg-Strauss zijn de jarenlange, op astma lijkende verschijnselen, zonder dat daar een aanwijsbare oorzaak voor is. De astmatische verschijnselen treden vaak pas op latere leeftijd op. Astma wordt gekarakteriseerd door aanvallen van benauwdheid. Door ontstekingen in de luchtwegen zwelt het slijmvlies in de luchtwegen op, wordt er meer slijm gemaakt en kunnen de spiertjes in de wand van de luchtwegen samentrekken. Dit alles leidt tot de vernauwingen in de luchtwegen en hoesten. Deze vernauwingen leiden dan weer tot de benauwdheid. De op astma lijkende ontstekingen zijn in het verleden soms al met een inhalatiespray (bijvoorbeeld een corticosteroïdenspray) of corticosteroïdentabletten behandeld, zonder dat de vasculitis al was opgetreden (of is onderkend).
Vaak treedt pas in een latere fase de systemische vasculitis op. Deze kan zich dan ook uitbreiden tot de longen. In de longen bevinden zich de longblaasjes. Daar vindt de uitwisseling van stoffen (vooral zuurstof en CO2) tussen de ingeademde lucht en het bloed plaats. De longblaasjes worden van elkaar gescheiden door tussenschotjes. Deze wandjes bestaan uit slijmvlies en bloedvaatjes. Door de vasculitis ontstaat er een ontsteking in de longen en beschadigen de tussenschotjes. Daardoor kunnen de volgende symptomen ontstaan:
Ogen
Het Churg-Strauss syndroom treedt niet op rond of in de ogen, dit in tegenstelling tot GPA, waar dit in 40% van de gevallen wel optreedt.
Nieren
In tot 35 % van de gevallen treedt Churg-Strauss syndroom op in de nieren. Dit is minder vaak dan bij GPA en de effecten van Churg-Strauss syndroom op de nieren zijn ook minder. Glomerulonephritis (lekkages van de kleine bloedvatkluwens in de nieren) komt bij het Churg-Strauss syndroom weinig voor. De aantasting van de wat grotere bloedvaten leidt hier tot de verminderde nierfunctie. Deze verslechterde nierfunctie leidt tot een verhoogde bloeddruk, die op termijn schadelijke gevolgen kan hebben.
Zenuwen
Ook het zenuwstelsel kan in meer dan 70% van de gevallen aangetast worden. Zelfs vaker dan bij GPA. Vooral de perifere zenuwen in de armen en de benen kunnen aangedaan worden. In extreme gevallen kan dit leiden tot verlammingen van de armen en de benen. De eerste symptomen van de aantasting van de perifere zenuwen zijn dove gevoelens, prikkelingen en pijnen in de tenen, die zich langzaam uitbreiden over de voeten richting de onderbenen. Daarna worden de spieren in de tenen en de voeten zwakker. Als de uitval van de zenuwen zich verder uitbreidt, ontstaan ook gevoelsstoornissen in de vingers, handen en onderarmen. Deze hebben een zwakte van spieren van de onderhand en de hand tot gevolg. Dit beeld ontwikkelt zich in de loop van enige weken, soms maanden.
Huid
Bij het Churg-Strauss Syndroom treden dezelfde huidafwijkingen in ongeveer gelijke mate (in 30-70% van de gevallen) op als bij GPA. Het gaat dan om:
Het maag-darmkanaal
Het Churg-Straus Syndroom kan ook leiden tot ontstekingen in het maag-darmkanaal. De ontstekingen van de bloedvaten treden vaak in het buikgebied op. Ze leiden dan tot heftige buikkrampen die vaak op kolieken lijken. De krampen worden veroorzaakt doordat de bloedvaten die het bloed naar en in de ingewanden (darm, maag en lever) leiden, door de ontsteking afgesloten raken. Het gevolg daarvan is dat de ingewanden niet meer goed functioneren en ons voedsel niet goed meer verwerkt wordt. Daardoor kan ook diarree ontstaan en omdat de bloedvaten in de ingewanden kapot gaan, kan er bloed in de ontlasting komen.
DIAGNOSE
In de eerste fase van de diagnose is de herkenning van de symptomen door de behandelende specialistvan groot belang. Als er opmerkelijk veel eosinofiele granulocyten (een bepaald type witte bloedcel) in het bloed aanwezigheid zijn, is dat een belangrijke aanwijzing. Om een definitieve bevestiging van de diagnose te verkrijgen, wordt vaak een biopsie gedaan uit het weefsel van de aangedane organen. Bij de biopsie kijkt men naar de kenmerkende verschijnselen van een vasculitis: De ontsteking van de bloedvatwand, ophopingen van ontstekingscellen (granulomen) en het afsterven van weefsel (necrose). De ANCA-bloedtest is bij de helft van de patiënten positief.
Bij het uiteindelijk vaststellen van het Churg-Strauss syndroom spelen de vaak jarenlange voorafgaande allergische ziekten aan de luchtwegen, die lijken op astma en hooikoorts, maar ook huiduitslag een belangrijke rol. Verder zijn de aanwezigheid van neuspoliepen of veelvuldige ontstekingen van de bovenste luchtwegen een belangrijke aanwijzing.
Het Churg-Strauss syndroom begint net als GPA vaak met algemene ziektegevoelens, koorts, gewichtsverlies, nachtzweten en reumatische klachten aan gewrichten en spieren. De uiteindelijke diagnose van vasculitis wordt gesteld omdat er vervolgens ontstekingen in de longen, nieren, huid, darmen, zenuwen of het hart optreden. De grootte van de bloedvaten waar de ontstekingen optreden wisselt vaak sterk, van de middelgrote slagaderen tot kleinste haarvaten.
In het bloed vindt men in de regel verhoogde ontstekingswaarden (bijvoorbeeld de bloedbezinking).
Een belangrijke aanwijzing voor de diagnose Churg-Strauss Syndroom is een verhoging van op allergie wijzende bloedwaarden als de eosinofiele bloedcellen (een bepaald type witte bloedcellen) en Immuunglobuline E (IgE). In de helft van de gevallen is de ANCA-test positief. Het gaat dan vaak om P-ANCA.
Het Churg-Strauss syndroom wordt vaak met GPA verwisseld. De beide ziekten zijn vaak pas te onderscheiden doordat er bij patiënten met Churg-Strauss syndroom sprake is van jarenlange allergische reacties en door de aanwezigheid van de op allergie wijzende bloedwaarden. Probleem hierbij is echter dat deze op een allergie wijzende bloedveranderingen ook optreden bij andere parasitaire of infectieziekten.
Verder kunnen astmatische allergieën ook optreden bij overgevoeligheid voor bepaalde medicamenten of chemicaliën. Dat moet dus eerst uitgesloten worden als oorzaak voor de allergische reactie.
BEHANDELING
Om de activiteit van het Churg-Strauss syndroom tot staan te brengen, wordt in eerste instantie prednisolon gegeven, een corticosteroïde dat de ontsteking remt. Afhankelijk van de reactie hierop, kan aanvullend cyclofosfamide worden toegediend. Dat vermindert de aanmaak van witte bloedcellen en daarmee ook de ziekteactiviteit. Wanneer de ziekte daarmee tot rust is gebracht, wordt de cyclofosfamide meestal na 3 tot 6 maanden vervangen door azathioprine of door methotrexaat. Deze hebben minder bijwerkingen dan cyclofosfamide, maar zijn minder krachtig.
PERSPECTIEF
Het Churg-Strauss Syndroom is een chronische ziekte. Dat betekent dat deze altijd op de achtergrond aanwezig blijft. Door de behandeling met medicijnen is de ziekte tot rust te brengen. Er is echter altijd het risico dat de ziekte in de loop der jaren weer opvlamt. Als de ziekte vroegtijdig onderkend en goed behandeld is, blijft schade aan organen veelal nog beperkt. Bij een late onderkenning kunnen er als gevolg van orgaanschade (vooral het hart en zenuwen) blijvende ernstige beperkingen optreden. Patiënten hebben vaak last van een blijvende vermoeidheid.
Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 12 februari 2012